Good practice: Vathorst College in Amersfoort

In het kader van ons onderzoek ‘Combining forces‘  waren wij vorig jaar een dag te gast op het Vathorst College. Dit onderzoek deden wij in samenwerking met de Algemene Vereniging Schoolleiders. In dit onderzoek spoorden we scholen op die heel nadrukkelijk werken vanuit de opvattingen van gespreid leiderschap en een professionele leergemeenschap.

Via een vragenlijst en een aanvullend groepsinterview kwamen we erachter dat er op het Vathorst bijzondere dingen gebeuren. Docenten werken opvallend veel samen en proberen constant hun onderwijsaanbod te verbeteren en vernieuwen. Bovendien lijkt er een cultuur te bestaan waarin iedereen – ongeacht zijn of haar functie en positie – invloed uit kan oefenen op de koers van de school en de invulling van het onderwijs. Op basis van die bevindingen hebben wij het Vathorst geïdentificeerd als good practice van gespreid leiderschap. Tijdens onze onderzoeksdag vroegen we ons af: hoe ziet dat gespreid leiderschap er nu precies uit en wat zorgt ervoor dat het van de grond komt op het Vathorst? We hebben docenten en leidinggevenden diepgaand geïnterviewd en diverse werkbijeenkomsten geobserveerd.

Hieronder hebben wij de bevindingen van onze onderzoeksdag op een rij gezet. Aan het eind van deze blog hebben we een aantal onderzoeksvragen geformuleerd. We nodigen jullie uit over deze vragen in discussie te gaan.

In oktober hebben wij onze bevindingen in dit onderzoek gepresenteerd op het internationale congres van de European School Heads Association. Het volledige onderzoeksrapport is op te vragen bij Frank via frank@gespreidleiderschap.nl

Gemiddelde school

Het Vathorst is een middelbare school van gemiddelde grootte voor vmbo-t t/m vwo in Amersfoort. In het schooljaar 2015-2016 stonden 971 leerlingen ingeschreven bij het Vathorst. Dit is een enorme groei ten opzichte van vijf jaar eerder, toen er 428 leerlingen naar het Vathorst kwamen. De school heeft een organisatiestructuur met een rector en een conrector, vier afdelingsleiders en zeven ‘coördinatoren’ met ieder een specifiek aandachtsgebied, zoals ‘zorg’, ‘kunst en cultuur’ of ‘zelfverantwoordelijk leren’.

leerhuis_vathorst.jpg

Leerhuizen en thematisch onderwijs

Een centrale plek waar leerlingen onderwijs volgen, wordt gevormd door de leerhuizen. Een leerhuis is een grote ruimte waar vier klassen gelijktijdig plaats kunnen nemen. Direct aan de leerhuizen is een apart instructielokaal. Een leerhuis is de thuisbasis voor groepen leerlingen. In de onderbouw is dat altijd een combinatie van klassen uit jaar 1, 2 en 3. In de bovenbouw is een studie gekoppeld aan een leerhuis. De leerhuizen worden geleid door een leerhuisteam, bestaande uit ongeveer tien docenten met verschillende vakinhouden. Tijdens de les zijn er net zoveel leraren aanwezig als het aantal groepen dat les krijgt. Leraren werken dus bijna altijd samen in het begeleiden van een leerhuis.

In de leerhuizen geven de docenten zoveel mogelijk thematisch onderwijs. Het is de bedoeling dat verschillende vakdocenten de samenwerking opzoeken om rond een bepaald thema onderwijs te verzorgen. De Tweede Wereldoorlog bijvoorbeeld, kan interessant zijn vanuit historisch perspectief, maar ook vanuit taalkundig of kunstzinnig perspectief.

Het thematisch onderwijs krijgt ook buiten de leerhuizen vorm. Iedere dinsdagmiddag tussen 13.00 en 14.30 uur zijn er zogenaamde “matinees”. Dit is een vrije ruimte waarin docenten helemaal hun eigen vakken mogen vormgeven. Ieder jaar krijgen de leerlingen een overzicht van de matinees voor het komende jaar en kunnen zij zich inschrijven voor matinees waar zij affiniteit mee hebben. Afgelopen dinsdag was ik bijvoorbeeld getuige van een matinee “kunst en koken”, waarin docenten Monica (beeldende vorming) en Michiel (biologie) de leerlingen begeleiden om allerlei lekkere gerechten te koken en kunstwerken te maken met behulp van voedingsmiddelen. De groep heeft onder andere een biologisch dynamische boer bezocht en daar het volledige productieproces van kaas doorlopen.

Er is op het Vathorst bovendien veel aandacht voor zelfverantwoordelijk leren. Leerlingen nemen zelf de regie over hun leerproces. Vier derdeklasleerlingen vertelden mij dat dit bijvoorbeeld betekent dat je geen verplicht huiswerk meekrijgt. In plaats daarvan zorgen zij ervoor dat ze hun werkjes afhebben tijdens de lesuren. Mocht dat niet lukken, kunnen zij er zelf voor kiezen om thuis meer te doen.

Het is opmerkelijk dat het Vathorst College sinds haar oprichting (ruim tien jaar geleden) werkt vanuit deze principes.

Onderwijsconcept maakt samenwerking en innovatie onvermijdelijk

Wat opvalt is dat docenten elkaar constant opzoeken om vakoverstijgend nieuw onderwijs te ontwikkelen. Zo vertelt biologiedocent Bob dat hij het afgelopen jaar met een collega maatschappijleer een alternatieve invulling heeft gegeven aan ANW. Rector Jasmijn heeft dit samenwerkingsproces gevolgd en maakt nu middelen vrij om het vak verder te ontwikkelen en volgend jaar een vaste plek te geven in het curriculum. Ook het begeleiden van de leerhuizen met meerdere docenten dwingt samenwerking als het ware af. Je bereidt samen de lessen voor, reflecteert erop en probeert verbeteringen aan te brengen. Als docent ontkom je er eigenlijk niet aan om die samenwerking op te zoeken en elkaars kwaliteiten op te sporen en in te zetten. Afdelingsleider Luuk zegt hierover: “Je kunt hier eigenlijk niet werken als docent tenzij je affiniteit hebt met het werken in de leerhuizen”.

De drang om te verbeteren en vernieuwen heeft ook betrekking op de eigen schoolorganisatie. Rector Jasmijn vraagt zich tijdens een interview hardop af of de organisatiestructuur met rector, conrector en afdelingsleiders wel aansluit bij de bedoeling en de principes van het Vathorst en of het in de toekomst ook anders kan. Dit vraagstuk wordt nu en komend jaar onderzocht en beantwoord. Daarbij betrekt de schoolleiding diverse geledingen in de school zoals het managementteam, docenten en medewerkers, leerlingen en ouders.

Het formele leiderschap in de school

Hoewel het Vathorst een progressieve onderwijsfilosofie heeft, is de organisatiestructuur vrij traditioneel. Rector Jasmijn en conrector Anne vertellen in een tweegesprek dat zij wel degelijk sturing geven aan het reilen en zeilen van de school. Echter, zij geven die sturing vooral op de “grote lijnen”. Dat betekent bijvoorbeeld dat ze bij (nieuwe) initiatieven kijken in hoeverre deze initiatieven passen bij de opvattingen waarop de school is gebaseerd. Jasmijn vertelt dat zij dit op een onderzoekende manier doen, door vragen te stellen als “Hoe draagt dit bij aan de uitgangspunten die wij belangrijk vinden?”. Wanneer Jasmijn en Anne zelf bepaalde ideeën inbrengen, leggen zij deze voor aan collega’s met de uitnodiging om te onderzoeken waar hun collega’s aanknopingspunten zien om hun werk te verbeteren.

Strenge toelatingseisen en uitvoerige inwerkperiode

Wij vroegen de docenten en leidinggevenden ook of het voor iedereen weggelegd is om te werken op het Vathorst. Het antwoord was vrij eenduidig “nee”. De werkwijze op de leerhuizen – met veel aandacht voor samenwerking, innovatie en autonomie van leerlingen – vraagt een hoge mate van flexibiliteit en initiatief van de docent. Daarom is er voor nieuwe leerkrachten een strenge toelatingseis om te voldoen aan dat profiel en echt affiniteit te hebben met het werken in de leerhuizen. Het eerste jaar bestaat bovendien uit veel begeleiding. Nieuwe docenten krijgen een coach, die hen onder andere feedback geeft naar aanleiding van filmbeelden van hun lessen. Verschillende docenten die wij spraken gaven bovendien aan dat leerkrachten die hier niets mee hebben, vanzelf weer weggaan.

Onderzoeksvragen bij casus Vathorst College:

  • Wat valt je op aan het leiderschap op het Vathorst College?
  • Wat van het leiderschap op het Vathorst zou je wel meer willen doen in je eigen school of organisatie?
  • Wat lijkt – gezien deze casus – nodig om tot gespreid leiderschap te komen?
  • Als je dit type leiderschap in je eigen school zou vormgeven, waar wordt het dan spannend of lastig?